Maandelijks archief: november 2013

Bloggen en stilletjes huilen

Standaard

Wat heb ik mijn blog gemist! 2 weken lang heb ik mijn blog niet of amper aangeraakt. Dat voel ik toch wel. Ik mis het wanneer ik mijn gedachten en gevoelens niet kan opschrijven. Ik mis het wanneer ik de verhalen van andere mensen niet kan lezen. Grappig of triestig, maakt al niet uit. Ik mis het gewoon.

Ik hou van mijn blog, gewoon omdat het mijn gedachten leeg maakt en mijn hart weer vol.

Ik heb zoveel te vertellen over de voorbije dagen, dat dit al mijn 3e bericht is vandaag 🙂

 

Voor de stage hadden we een heel interessante sessie op onze hogeschool. Een sessie over rouw en verlies. Deze sessie stond al een tijdje gepland en ik keek er dan ook naar uit. Wel met gemengde gevoelens, maar ik keek er naar uit.

En het was het waard! De sessie werd gegeven door iemand die er heel erg veel van kent. Karin Genijn. Amai, wat een sterke vrouw is dat. Ze gaf vroeger les op een school en door verschillende verlieservaringen heeft ze zich omgeschoold tot vertrouwensleerkracht en verliescouncelor. Op de school waar ze les gaf hebben ze één van hun leerlingen verloren. Dat heeft haar aangezet om zich verder te verdiepen in verlies.

De manier waarop ze alles vertelde was zo mooi. Ze wist heel duidelijk over wat ze het had. Je kon zien dat ze gebroken is geweest en dat ze zichzelf op één of andere manier heeft weten te lijmen.

Ze vertelde over de ‘theoretische’ kant van rouw en verlies. Maar ze heeft ook heel veel verteld over haar eigen ervaringen. Ze toonde zelfs een filmpje van de gebeurtenissen na het verlies van die leerling op haar school. En amai, dat brak ons allemaal wel eventjes. Ik moest enorm hard op mijn tanden bijten om niet in tranen uit te barsten. Ik heb enkel heel wat tranen in mijn ogen gehad, de rest heb ik kunnen wegslikken. Heel onze klas was muis stil op hier en daar wat gesnik na. Ik was er echt niet goed van. Zo’n hard en triestig verhaal. Ik ben er zeker van, als ik me toen had laten gaan, had ik wel een paar uur lang kunnen wenen. Zo’n triestig verhaal had ik nog maar zelden gehoord en gezien.

Op zo’n momenten besef ik dat het verlies van mijn papa maar klein is in vergelijking met zo’n verlies. En toch, ik moet het ook niet minimaliseren. Voor mij is het verlies van mijn papa groot. Maar niet onoverwinnelijk. Ooit komt het goed.

 

Karin Genijn vertelde ook dat ze van quotes houdt. Alleen al door dat te zeggen, had ze me al helemaal mee. Er stonden ook verschillende quotes in haar powerpoint. Natuurlijk heb ik ze snel snel overgeschreven. Ik deel ze graag ook met jullie 🙂

“Pas als de snaren precies goed staan, niet te strak en niet te los, kan je muziek maken.”

“De afstand stelt niets voor. Het is vooral de eerste stap die moeilijk is.”

“Als woorden moeilijk te vinden zijn, laat dan vooral je hart spreken.”

“Een luisterend oor biedt meer dan een mond vol adviezen.”

“Als je verdriet recht in de ogen kijkt, wordt zijn aanblik zachter. Wanneer je het ontwijkt, blijft het je achtervolgen.”

 

Vooral die laatste past bij mij. Ik moet mijn verdriet recht in de ogen kijken. Maar het is gewoon zo verdomd moeilijk soms…

 

47 ongewassen varkentjes

Standaard

Mijn mama maakte vandaag gratin dauphinois. Ik heb er een andere naam voor: ‘vieze patatten in de oven’.

Ik lust dat echt niet, die saus erbij: degoutant! Mijn mama weet ondertussen al goed dat ik dat niet lust, dus ze hield voor mij wat aardappelen apart. Ik kreeg dan gewoon wat gekookte aardappelen op mijn bord.

Toen ik ze aan het opeten was, dacht ik terug aan vroeger. Wanneer mijn papa gratin dauphinois maakte, legde hij voor mij niet gewoon wat aardappelen apart. Nee, hij deed altijd zijn best om voor mij dan een ‘specialeke’ te maken. Zo noemde hij dat. Meestal bakte hij wat aardappelen in de pan met stukjes spek en een beetje ajuin erbij. Heerlijk!

Mijn papa maakte eigenlijk heel vaak specialekes voor mij. Want ja, ik lust niet zo veel. Maar dat vond mijn papa niet erg. Hij maakte graag specialekes voor mij. Want ik was voor hem ook speciaal. En hij voor mij.

En ik mis zijn specialekes soms. Maar niet zo hard als dat ik hem mis.

Juf zijn is plezant

Standaard

Hèhè.

De stage zit erop. Oef! Toch al een hele hoop stress die van mijn schouders valt!

En het is goed gegaan, dat maakt mij vooral blij. Mijn mentor was heel tevreden en dat maakte mij dan weer tevreden.

Ze schreef een heleboel lieve woorden op mijn verslag. Mijn favoriete stukjes zijn:

– Sarah is een heel harde werker.

– Sarah heeft een heel groot hart voor de kinderen.

– Ze geeft heel veel complimentjes en de kinderen weten dat ze met hun verhaal bij haar terecht kunnen.

– Sarah is heel lief, vriendelijk en open naar de kinderen toe.

En op nummer 1 staat:

–> Sarah is echt een aanwinst voor het onderwijs.

 

Dat komt allemaal uit mijn verslag van de tweede week. Mijn eerste week was iets minder. Toen moest ik veel strenger zijn, meer gezag tonen, meer contact hebben met de collega’s en dat soort dingen. De maandag van de tweede week zei mijn juf: “Amai, er staat precies een nieuwe juf Sarah voor de klas. Echt heel goed!”

Dus ik heb mij blijkbaar heel goed herpakt 🙂 Ik ben best wel fier op mijzelf. Nu weet ik weer waarom ik al die uren werk erin heb gestoken. En nu weet ik weer waarom het het waard was om met griep voor de klas te staan. En om met een hese piepstem les te geven waardoor ik telkens hard op het bord moest kloppen om de kinderen stil te krijgen.

Juf zijn is plezant. Die schatten van kinderen iets bijleren is nog plezanter. En dat ze naar jou opkijken en dat ze je komen knuffelen is ook één van de leukste dingen die er bestaan. En het zijn altijd de luidruchtigste en wildste jongens zonder oren die je komen plat knuffelen. Ze vergeten blijkbaar na 5 minuten hoe boos je net op hen was. Want als er iemand door de klas roept: “Ik moet kakke!” dan word ik wel eens heel boos.

Maar, ik herhaal: juf zijn is plezant 😀

 

 

46 ongewassen varkentjes

Standaard

Dat mijn papa een buiten-mens was, weten jullie al lang. En dat mijn papa graag wandelde, weten jullie ook al lang.

Dat hij graag wandelde in de bergen heb ik al eens ergens, heel kort, vermeld. En nu wil ik daar graag meer over vertellen.

Wat mijn papa juist zo aansprak aan bergwandelingen weet ik niet helemaal zeker. Maar volgens mij waren het de volgende dingen: de rust en de stilte, de schoonheid, de lucht, de beklimming, het gevoel wanneer de top bereikt is, de afdaling en het voldane gevoel na een (half) dagje bergbeklimmen.

Dat is eigenlijk wel een hele boterham als ik het hier zo eens lees. Nu kan ik wel begrijpen dat hij er zo zot van was. Maar ik ben er niet zot van.

Heel soms ben ik mee geweest met mijn papa. Ik kan mij één bergwandeling nog goed herinneren. Het was ergens in de buurt van Tirol. We hadden toen bedacht dat ieder van ons eens één dagje met mijn papa in de bergen moest gaan wandelen. Dus ik een dagje samen met hem op trektocht. Pieter een dagje en mijn mama een dagje samen met papa op tocht. Jeroen ging toen al niet meer mee op vakantie, dus die heeft niet aan ons plannetje meegewerkt.

Dus, ik was aan het vertellen over die ene bergwandeling.

Ik had er veel zin in en mijn papa was natuurlijk ook dolblij dat hij samen met zijn

dochter in de bergen kon gaan wandelen. We hadden ons baguette bij – met kaas voor papa en chocolade voor mij – en ik veronderstel dat we ook water bij hadden. Het begin was volgens mij tamelijk lang plat. Daarna kwamen we schapen tegen, die vond ik geweldig leuk, daar heb ik dan ook verschillende foto’s van genomen. Mijn papa heeft daar ook foto’s van mij genomen, ik weet nog goed dat hij maar opnieuw  en opnieuw bleef trekken. Hij was nooit tevreden. Ik moest zo en zo kijken en dan een bloemetje vasthouden, dan op een steen gaan staan, … En daarna nam ik natuurlijk nog een paar foto’s van hem, als wraak.

Van de rest van de wandeling kan ik mij niet zoveel herinneren. Maar ik weet wel nog dat ik het een super leuke dag vond.

Dit was in Tirol, niet op de dag van de wandeling natuurlijk. In een rokje ging ik de bergen niet op ;)

En deze foto is van een jaar of twee ervoor.

En deze foto is van een jaar of twee ervoor.

 

Ik genoot er telkens enorm van als ik met mijn papa op uitstap was. Wij tweetjes samen, dat was de hemel op aarde.

Nu is het net iets anders: ik alleen op aarde, jij in de hemel.

 

 

De herfstblues

Standaard

De voorbereidingen voor mijn stage van volgende week eisen stilaan zijn tol.

Vorige week heb ik elke dag van 8 uur ’s morgens tot 10 uur ’s avonds gewerkt. Enkel ’s middags en ’s avonds een half uurtje pauze. Lessen maken is véél werk. Een eindeloos werk lijkt het soms wel. En wanneer je juf dan een mailtje stuurt om te zeggen dat je de helft van je lessen opnieuw mag maken omdat de opbouw slecht is, zakt de moed je wel eventjes in de schoenen.

En nu is de moed tot diep in de grond gezakt. Ik ben moe. Ik ben kapot. Ik heb geen energie meer. En ik moet maar energie blijven geven. Blijven gaan. Non stop. En ik wil stoppen. Ik wil zo graag schreeuwen dat het allemaal moet stoppen. De tijd stopzetten. En wenen, wenen en nog eens wenen.

Wenen om mijn papa. Wenen om het triestige weer. Wenen om de stomme lesvoorbereidingen. Wenen omdat ik er nog altijd niet 100% zeker van ben dat ik juf wil worden. Wenen omdat ik niet kan wenen. Gewoon eens veel en hard wenen.

Maar ik krijg er geen enkele traan uitgeperst. Blijkbaar heb ik de ‘aan’ knop voor mijn tranen weer eens goed verstopt. Te goed blijkbaar.

 

Elke keer wanneer er iets niet goed gaat, wordt dat slechte gevoel dubbel zo slecht omdat het gemis van mijn papa dan ook sterker wordt. Als ik het even niet meer zie zitten, heb ik mijn papa nodig. Zijn sterke armen en zijn zachte handen om in uit te huilen. Zijn mooie stem die zegt dat alles wel weer goed komt. Dat ik gewoon eventjes moet doorzetten. Dat ik het wel zal kunnen. Dat ik alles kan. Dat hij fier is op mij.

Ik haat alles soms zo hard. Zo hard dat ik soms denk: als ik nu eens die bocht niet neem, dan vlieg ik tegen dat huis en ben ik misschien dood. Maar 1 seconde later denk ik dan al weer: dat durft gij niet Sarah. En het is waar, ik zou het niet durven.

Ik durf niets. Ik durf niet eens te wenen. Hoe zielig is dat eigenlijk wel niet?

 

 

44 ongewassen varkentjes

Standaard

Zoals ik al eerder heb verteld, was mijn papa een echt buitenmens. Hij hield volgens mij evenveel van de natuur als hij van zijn vrouw en kinderen hield.

Ik heb ook al eerder verteld dat mijn papa elk weekend in de tuin vertoefde en werkte. Zelfs tijdens zijn laatste maanden bevond hij zich vaak in de tuin.

Natuurlijk geraakte hij daar toen niet meer op eigen houtje. Wij moesten zijn rolstoel voortduwen, hem in de zetel plaatsen en zijn kussentjes goed leggen. En Bambi uiteraard niet vergeten!

En dan zat hij daar, in zijn tuin, te kijken en te kijken. En te denken en te denken.

Dat mijn papa op een mooie manier afscheid wou nemen van zijn tuin, zal ik nooit vergeten dankzij ons paarse tuinhuis.

Ons oude tuinhuis was versleten. In de zomer dat mijn papa stervende was, (wat klikt dat afschuwelijk zeg) hebben we een nieuw tuinhuis gezet. Ik zeg nu wel ‘we’ maar eigenlijk heb ik niet zoveel geholpen. Ik heb het paars geschilderd.

Mijn broer – Jeroen – heeft het meeste werk gedaan. En onze overbuur en die zijn schoonzoon. Die 3 mannen hebben ons tuinhuis in elkaar gezet. Vaak met een pintje in de hand weliswaar. Maar eigenlijk maakt dat allemaal niet uit, ze hebben het voor mekaar gekregen. En mijn papa was fier, dat zag ik.

Regelmatig wou hij gaan controleren hoe ze te werk gingen en of ze al ver gevorderd waren. Het was wel niet makkelijk om hem met de rolstoel tot achteraan in de tuin te rijden. Een weggetje vol kasseien en een onstabiele papa in een rolstoel, dat vraagt om problemen. Maar hij moest en zou gaan kijken. En als hij er dan voor ‘stond’, dan zei hij niets. Of toch niet veel meer dan: ‘zou ge dat niet zo doen? en dat zo?’ En uiteindelijk moest hij dan toch besluiten dat het goed was.

 

Ik weet eigenlijk niet meer of hij het eindresultaat nog heeft gezien. Het dak afwerken hebben we volgens mij gedaan toen hij al op de palliatieve afdeling lag. Maar ook dat maakt niet veel uit. Hij wist dat de tuin in orde ging geraken en dat we voor een tijdje verder konden met ons nieuwe tuinhuis.

 

(Ik zal er maar niet bij vertellen dat er maandag – met de kleine storm – een paar planken van het dak zijn gevlogen. We hebben het al gerepareerd hoor 😉 )