BAM! BAM!

Standaard

Het gaat niet goed met mijn moeke. Mijn liefste oma, of moeke zoals wij haar altijd noemen. Ze is al een tijdje aan het sukkelen met haar gezondheid, zoals ze dat zo mooi kunnen zeggen. Maar dat sukkelen begon ons stilaan wel wat meer zorgen te baren. Ook moeke zelf begon zich zorgen te maken. Ze gaat sowieso al regelmatig naar haar huisdokter maar de laatste weken volgden die bezoekjes elkaar steeds sneller en sneller op. Onderzoekje hier en onderzoekje daar.

En eergisteren hadden ze eindelijk een antwoord klaar: darmkanker. BAM! Daar is dat boze woord weer. Het boze woord waarvan ik had gewenst het nooit meer tegen te komen – wat uiteraard een kinderachtige wens was, want kanker is overal – komt plots mijn leven weer binnengestormd.

Het voelt ook als een storm. Ik kan weer niets beginnen tegen het kankermonster. Ik heb het gevoel dat het monster al gewonnen heeft voordat het gevecht zelfs nog maar gestart is. Mijn oma is niet meer van de jongste en ze is het laatste jaar sterk verzwakt (mooie woordspeling trouwens hé).

Mijn mama was nog maar tien minuten terug thuis, ze was met moeke naar het ziekenhuis geweest om nog een scan te laten nemen van haar longen, toen de telefoon plots begon te rinkelen. Mijn hart sloeg een paar slagen over. Mijn mama werd rood en ik zag duidelijk de angst en paniek in haar ogen. Een blik die pijnlijke herinneringen naar boven bracht. Diezelfde blik had ze toen een tante belde om te zeggen dat mijn opa was overleden. Diezelfde blik had ze toen we weer eens slecht nieuws kregen over de gezondheid van mijn papa.

Ze nam haar handtas terwijl ze nog aan het bellen was, mijn mama. Dit is niet goed. Dit is helemaal niet goed, dacht ik. Ik twijfelde wie er aan de lijn was, mijn tante of mijn oma. Blijkbaar was het mijn oma. Haar dokter had haar gebeld om te zeggen dat ze meteen terug naar het ziekenhuis moest. Verschillende klonters in de longen en een longembolie. BAM!

En dan zeggen dat ik deze middag nog gezellig naast moeke zat te babbelen over mijn nieuwe job. Maar in mijn achterhoofd bedacht ik mij terwijl dat dit misschien één van de laatste ‘normale’ babbeltjes kon zijn. In mijn achterhoofd ben ik verschrikkelijk, maar dan ook verschrikkelijk, bang. In mijn achterhoofd heb ik zelfs al een tekstje klaar voor op haar begrafenis.

Ik weet dat ik zo niet mag denken, maar het is sterker als mijzelf. En daarbovenop komt nog eens dat mijn voorgevoel mij op momenten als deze vaak niet in de steek laat. Ik voel die pijn in mijn buik alweer. Ik voel dat het niet goed komt, maar ik wil zo graag geloven dat het wel goed komt. Want mijn moeke is een sterke vrouw, altijd al geweest. En als ik nog maar een sikkepitje van haar sterkte in mij heb, dan zou ik daar al heel fier op zijn.

Laat ik maar gewoon geloven en hopen in de kracht van moeke.

Advertenties

»

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s