Tagarchief: Toon Tellegen

Gedichtendag

Standaard

Ik was het al bijna vergeten maar ik dacht er nog net op tijd aan (danku facebook) Het is gedichtendag! Joepie 🙂

Omdat ik zelf geen inspiratie heb vandaag heb ik het internet eens geraadpleegd en een gedicht van Toon Tellegen opgezocht.

 

Zal ik weggaan? 
Zal ik verdrietig worden en weggaan? 
Zal ik het leven eindelijk eens onbelangrijk vinden, 
mijn schouders ophalen 
en weggaan? 
Zal ik de wereld neerzetten (of aan iemand anders geven), denken: 
zo is het genoeg, 
en weggaan? 
Zal ik een deur zoeken, 
en als er geen deur is: zal ik een deur maken, 
hem voorzichtig opendoen 
en weggaan- met kleine zachtmoedige passen? 
Of zal ik blijven?
Zal ik blijven?

 

These are the scars deep in your heart

Standaard

Er zijn zo vaak moeilijke momenten. Elke dag zijn er verschillende momenten waarop ik eventjes moet slikken, dat ik het moeilijk heb. Dus vandaag was net zo’n dag.

Tijdens de les godsdienst vertelde de leerkracht over een vroegere collega in het lager onderwijs die haar man was verloren. De week erna moest ze les geven over het bijbel verhaal van Job. Over zijn lijden. Dat kon ze niet aan toen omdat haar verdriet nog te vers was. Daar moeten we rekening mee houden in het onderwijs. We moeten ons goed voelen en het is normaal dat mensen het moeilijk hebben na het verlies van iemand. Ze hebben het al vaak gezien ook op school dat leerlingen het moeilijk hebben na zo’n verlies. Daar moeten we respect voor hebben. Dat vertelde ze allemaal.

Ik voelde mij aangesproken. Hoewel ze niet echt opvallend mijn richting uitkeek. Toch wist ik dat ze ook aan mij en mijn situatie dacht. Ik had het wel moeilijk om mijn tranen te bedwingen. Ik moest kalm blijven en zorgen dat ik niet ging wenen. Want ik was eventjes van mijn melk.

Tijdens de les Nederlands was er weer zo’n moment. Het ging plots eventjes over boeken over de dood. De leerkracht gaf maar een voorbeeldje. Maar toch. Het woord dood maakt mij automatisch verdrietig. Ik kan het niet helpen.

 

En dan zijn er nog de duizenden andere momenten wanneer ik aan mijn papa moet denken. Kleine dingen die mij aan hem doen denken. Een paar voorbeeldjes: alles wat met varkens te maken heeft, alles wat met banken (en dan vooral Fortis) te maken heeft, alles over het buitenland (en dan vooral Polen en Duitsland), alles over ziektes, alles over tuinen en natuur, alles wat met de zee te maken heeft, kale mannen, mannen met grote brillen, kleren van esprit of diesel, domme grapjes, vakanties, … Mijn lijstje is bijna eindeloos. Er is zoveel dat mij doet terugdenken aan mijn lieve papa. Zoveel waarbij ik eventjes – of eventjes langer – denk aan hoe hij was, wat hij deed, wat hij zei, … En aan hoe hard ik hem mis. Dat vooral.

En heel vaak als ik aan het woord missen denk, dan denk ik aan een tekst van Toon Tellegen die we op de begrafenis hebben voorgelezen. Een populaire tekst die al veel op zo’n triestige bijeenkomsten verteld is. Het is dan ook een hele, hele, hele mooie tekst!

 

OP EEN OCHTEND KLOPTE DE MIER AL VROEG op de deur van de eekhoorn.
‘Gezellig’, zei de eekhoorn.
‘Maar daar kom ik niet voor’, zei de mier.
‘Maar je hebt toch wel zin in wat stroop?’
‘Nou ja… een klein beetje dan.’
Met zijn mond vol stroop vertelde de mier waarvoor hij gekomen was.
‘We moeten elkaar een tijdje niet zien,’ zei hij.
‘Waarom niet?’ vroeg de eekhoorn verbaasd. Hij vond het juist heel gezellig als de mier zomaar langskwam. Hij had zijn mond vol pap en keek de mier met grote ogen aan.
‘Om erachter te komen of we elkaar zullen missen,’ zei de mier.
‘Missen?’
‘Missen. Je weet toch wat dat is?’
‘Nee,’ zei de eekhoorn.
‘Missen is iets wat je voelt als er iets niet is.’
‘Wat voel je dan?’
‘Ja, daar gaat het nou om.’
‘Dan zullen we elkaar dus missen,’ zei de eekhoorn verdrietig.
‘Nee,’ zei de mier, ‘want we kunnen elkaar ook vergeten.’
‘Vergeten! Jou?!’ riep de eekhoorn.
‘Nou,’ zei de mier. ‘Schreeuw maar niet zo hard.’
De eekhoorn legde zijn hoofd in zijn handen.
‘Ik zal jou nooit vergeten,’ zei hij zacht.
Aside

Ik heb de laatste tijd een paar dingetjes geschreven maar ik had ze nog niet op mijn blog gezet. Dus nu doe ik dat wel. Het eerste is weer een Toon Tellegen-achtig stukje. Het tweede is een kort gedichtje en daar ben ik wel een beetje trots op want ik vind het redelijk mooi. Het derde is al een oud gedichtje, dat heb ik ergens in mei geschreven toen ik op school was. En het laatste heb ik niet zelf geschreven maar ik vind het een prachtig gedicht! Kon ik maar zoiets schrijven. Dat laatste gedichtje zet ik hier vandaag bij omdat het perfect past bij hoe ik mij gisteren voelde toen mijn tante vroeg of ik mijn papa vaak mis. En zo voel ik mij eigenlijk heel vaak. Claire Van den Abeele kan echt heel, heel, heel mooi schrijven!

Het schuifje met verdriet gaat weer langzaam open. “Kijk eens wie hier terug is.” zegt het zachtjes.

Ik probeer het dicht te duwen. Ik knijp mijn ogen heel hard toe. “Ga weg tranen!” zeg ik en ik probeer de tranen te negeren.

De schuif gaat verder open. “Ik zal je geen pijn doen! Ik beloof het.” zegt een kleine druppel die van mijn wang glijdt.

Dat heb ik nog al gehoord… Die tranen maken je altijd wel iets wijs. De ene keer zeggen ze dat ze maar eventjes op bezoek komen. De andere keer zeggen ze dat ze alleen zijn gekomen om afscheid te nemen.

Maar ze hebben elke keer gelogen. Altijd kwamen ze terug. Altijd ging het schuifje open en liepen de tranen van mijn wangen. Nooit lukt het mij om ze weg te jagen.

Ik wou dat ik net zo koppig was als het verdriet. Dat ik kon zeggen: “Ik ben jullie beu! Blijf voor altijd weg en overval mij nooit meer!” Maar als ik dat zou doen, dan zouden ze weer zeggen: “We weten dat je ons niet graag hebt maar je hebt ons nodig. Anders komt het niet goed.”

Welterusten papa
voor altijd en zelfs langer
Ik zou nog wel één kusje willen
voor de allerlaatste keer
Maar dat gaat niet
nooit meer en zelfs langer

Ik leef

op de tippen van mijn tenen

zodat ze de grond niet raken

te bang om te zien

te bang om te horen

te bang om te voelen

te bang om te weten

dat je er niet meer bent

Ik leef

maar mijn tenen breken

ze kunnen het niet meer aan

te zwaar om te zien

te zwaar om te horen

te zwaar om te voelen

te zwaar om te weten

dat je nooit meer terug komt

Ik leef

ik adem

in

ik mis je!

uit

waar ben je?

in

kom terug!

uit

nooit meer.

De bewondering in je ogen
is echt
maar niet terecht
zo dapper
ben ik niet
er ligt alleen
een deken
over mijn verdriet
waar jullie aan trekken
met je honderd vragen
alsof
in mijn stilzwijgen
niet genoeg
antwoorden lagen
– Claire Van den Abeele –

It’s all gona away.

Crumbling through the hours

Standaard

Voorlopig was het een goeie dag. Vermoeiend. Maar goed.

Weer op observatie geweest. Als ik zie hoe die kindjes opkijken naar hun slimme juf, als ik zie hoe ze schrikken als ze boos wordt, als ik zie hoe ze lachen, als ik zie hoe graag ze een antwoord willen geven, als ik zie hoe ze graag ze hun verhaal willen vertellen, dan word ik blij.

Hoe moe ik ook ben, hoe triestig ik ook ben, die kindjes kunnen een glimlach op mijn gezicht doen verschijnen.

En dat hebben ze ook vandaag weer gedaan.

Misschien word ik ooit wel juf. Misschien ook niet. Dat zal ik later wel te weten komen. Wat ik nu moet doen is gewoon mijn hart volgen. Zolang ik mij goed voel bij deze richting, dan moet ik verder doen. Zolang de twijfel het niet overneemt van mijn motivatie, dan is het oké. Maar als ik met tegenzin naar de stageschool zou gaan, dan is het niet goed. Heel eventjes was dat het geval vandaag, maar dat was gewoon omdat ik zo moe was. (Ik weet het, ik kan zagen, sorry, dat is één van mijn beste vakken 😉 )

Dus, ik moet mijn hart volgen en afwachten. Nog niet te ver vooruit willen zien. Gewoon dag per dag, stap per stap, been voor been. Ik moet nog niet nadenken over de stage, over dat ‘enthousiaster-zijn-gedoe’. Ik moet nog niet denken dat ik het niet goed ga doen. Ik mag nog niet panikeren.

Gewoon alles op mij af laten komen. Maar dat is toch zo moeilijk. Ik ben ongeduldig. Ik wil mijn toekomst kennen, ik wil alle dingen die ik ooit ga doen nu al weten. Ik wil het allemaal kunnen plannen en kunnen regelen. Ik hou van regelmaat en van afspraken. Ik hou niet van het onverwachte. Ik wil zekerheid en stabiliteit. Wie weet is dat helemaal niet zo goed voor mij. Wie weet zou het veel beter zijn als ik eens wat meer risico’s neem, als ik dingen doe die niemand van mij verwacht, als ik dapperder ben en als ik spontaner ben.

Wie weet? Wie weet? Niemand. Opnieuw afwachten. Bah, wat een saai leven. Afwachten, afwachten, afwachten. Ik wil iets meemaken, echt waar. Maarja, ik heb het probleem daarnet al uitgelegd. Ik kan niet tegen onregelmatigheden en ik kan niet tegen spontane uitstapjes of onverwachte wendingen. Of risico’s nemen, dat is al helemaal niets voor mij.

Tijdens de stage moet ik een lesje filosoferen geven. Het onderwerp is: “wie ben ik?”

Echt iets voor mij 🙂 En rarara, welk verhaal ga ik voorlezen? Eentje van Toon Tellegen! Joepie jee 🙂 Ik kijk wel uit naar die les. Ik ben benieuwd hoe die kindjes zichzelf gaan beschrijven, welke eigenschappen ze aan zichzelf toeschrijven. Ze moeten ook een dier tekenen dat bij hun past, op basis van die eigenschappen. Omdat ik ze een voorbeeldje wil geven heb ik voor mijzelf ook een dier gezocht.

http://www.scoutsengidsenvlaanderen.be/totem/stokstaart

Dat ben ik 🙂 (behalve die dapper, druk, energiek en onstuimig)

Ahja, bijna vergeten!

3- Het moment waarop mijn juf tegen mij zei dat ik mijn les wel mocht geven zodat ik ze had gemaakt. (al die moeite was toch niet voor niets)

Give me your hand and I hold it

Standaard

Verdriet

Groot verdriet

Binnenin.

Het zit vast.

Het klopt op de deur.

Het vraagt zachtjes: “Mag ik naar buiten?”

“NEE!” zeg ik luid. “Ik wil je niet meer zien. Nooit meer. Ga weg en verdwijn.”

“Maar ik moet toch kunnen ontsnappen? Hoe geraak ik dan ooit weg?” vroeg het verdriet met een zielig stemmetje.

“Misschien moet je elke dag proberen om een beetje tranen naar buiten te sturen. Niet te veel, want anders blokkeert de deur.”

“Ja, dat kunnen we eens testen. Opgepast, de eerste lading komt eraan!”

En de tranen gleden rustig over mijn wangen.

Een Toon Tellegen bewonderaarster, dat ben ik. Dus dan dacht ik, waarom probeer ik niet eens zoiets te schrijven? Ja ik weet het, ik ben een na-aper. Sorry.